Het congresseizoen begint. Imago expert Mirjam Bach legt uit hoe je opvalt op een netwerkevent zonder uit de toon te vallen, met kleuradvies per seizoenstype.De uitnodigingen stromen weer binnen: congressen, beurzen, netwerkborrels. Vanaf september draait het zakelijke seizoen op volle toeren, en daarmee ook het aantal eerste indrukken dat je maakt. Elke handdruk, elk gesprek bij de koffietafel is een kans om in iemands geheugen te blijven. De meeste professionals bereiden zich grondig voor op de inhoud: de pitch, de presentatie, de gespreksonderwerpen. Logisch, want vakkennis telt. Maar imago is meer dan hoe je verbaal overkomt. Voordat je één woord zegt, heeft je uitstraling al gesproken. Kleding, kleur en presentatie vormen samen een non-verbale taal, en die taal bepaalt of mensen je serieus nemen én onthouden. Juist op events vertelt die taal vaak het verkeerde verhaal. Kijk rond in een willekeurige congreszaal: een zee van donkerblauw, grijs en zwart. Honderden professionals die gekomen zijn om op te vallen, gekleed om te verdwijnen. De kleding die op kantoor prima voldoet, werkt op een event tegen je.

Waarom je congresoutfit een ander doel heeft

Op kantoor kennen mensen je al. Je uitstraling bevestigt daar wie je bent. Op een congres gebeurt iets anders: je hebt drie seconden voor een eerste indruk en, belangrijker nog, je moet uren later nog terug te vinden zijn. “Ik sprak iemand interessants over datamigratie… die man in het grijze pak.” Veel succes met zoeken. Wie kleur draagt, geeft mensen een haakje. “Die vrouw met de koraalrode blazer” is na afloop in één oogopslag terug te vinden in de borrelzaal, en weken later nog voor de geest te halen bij het opvolgen van dat visitekaartje. Kleur is op een event geen versiering. Het is vindbaarheid.

Opvallen zonder clownspak

De angst die ik in mijn trainingen telkens hoor: “ik wil niet overdreven overkomen.” Terecht, want er zit een verschil tussen opvallen en uit de toon vallen. De oplossing is niet méér kleur, maar de júiste kleur op de juiste plek. Eén kleuraccent bij je gezicht volstaat. Voor het lentetype een blazer in warm koraal of een das in frisgroen. Het zomertype kiest een blouse in rookblauw of een pochet in oudroze. Het herfsttype pakt een colbert in olijf of een sjaal in terracotta. En het wintertype draagt zijn vertrouwde donkere basis, maar zet er een overhemd in helderwit of een accent in koningsblauw tegenaan. De rest van je outfit blijft rustig en verzorgd. Zo trekt dat ene accent alle aandacht naar je gezicht, waar het hoort tijdens een gesprek.

De badge-zone

Nog iets praktisch waar niemand aan denkt: je naambadge hangt op borsthoogte, midden in de zone waar mensen kijken. Draag je daar een druk patroon of een kleur die vecht met je gezicht, dan concurreert je eigen kleding met je naam. Houd die zone rustig en laat je kleuraccent net daarbuiten werken: een sjaal, een das, de kraag van je blouse. In een zaal waar iedereen voor veilig kiest, is één bewuste kleurkeuze genoeg om de uitzondering te zijn. Het congresseizoen duurt tot december. Tijd genoeg om het verschil te merken. Wil je dat jouw managementteam of salesteam gezien én onthouden wordt? Daar is een in-company training precies voor bedoeld. Wil je persoonlijk een stijl coaching traject volgen? Bekijk mijn stijl coachingstraject.

Liefs,

Mirjam

Leave a Reply